
De Fotoheliograaf in de Ovale Zaal
Deze gespecialiseerde telescoop werd door Teylers Stichting gekocht voor de Nederlandse onderzoeks-expeditie om op 9 december 1874 de Venusovergang te bestuderen op het eiland Réunion. Na terugkomst in Haarlem stond de kijker tot 1950 op deze plek in de ovale zaal. Behalve tussen 1922 en 1932: toen werd de kijker uitgeleend aan een astronomisch observatorium op Java.

J.H. Dallmeyer, Londen (kijker), H. Olland, Utrecht (voet), 1874.
Het object
Een fotoheliograaf is een speciaal type telescoop, bedoeld om met de telescoop vergrote beelden van de zon fotografisch vast te leggen. Dat gebeurde op ‘fotografische platen’ die in houten cassettes aan het uiteinde van de telescoop werden geplaatst.
In de 19de eeuw werden glasplaten met lichtgevoelige chemicaliën gebruikt om foto’s te maken. Voor elke foto was een nieuwe cassette met plaat nodig. De gespecialiseerde toepassing verklaart de naam van dit instrument: in ‘fotoheliograaf’, zijn de woorden foto, helios (zon) en graphos (schrijven, vastleggen).
De firma Dallmeyer in London leverde meerdere exemplaren van deze fotoheliograaf voor wetenschappelijk onderzoek aan de Venus-overgang van 9 december 1874, een zeldzaam astronomisch fenomeen dat op een deel van de wereld zichtbaar was. Diverse Europese landen organiseerden expedities naar locaties waar de Venus-overgang bestudeerd en (voor het eerst) fotografisch vastgelegd kon worden.
Dallmeyer verkocht voor dat doel onder andere vijf van deze kijkers aan de Britse overheid. Teylers Stichting kocht deze fotoheliograaf als bijdrage aan de Nederlandse expeditie naar Réunion. Helaas was het op die locatie op 9 december bewolkt…
Dallmeyer leverde alleen de kijker; daarom is de voet voor het instrument van een andere maker, ook bij andere bewaard gebleven exemplaren.
Wat is een Venus-overgang?
Hoe groot is de afstand tussen de zon en de aarde? Het antwoord op deze vraag was lang met onzekerheid omgeven. Edmund Halley bedacht rond 1700 een methode waarmee deze afstand bepaald kon worden. Heel soms staat de planeet Venus precies tussen de Zon en de aarde. Wanneer de tijdstippen gemeten worden waarop Venus langs de zonneschijf trekt, dan kan deze afstand redelijk nauwkeurig worden vastgesteld.
Voor die berekening is het van belang dat de tijdsmetingen van dit fenomeen op verschillende plaatsen op aarde worden gedaan. In 1874 (op 9 december) vond voor het eerst sinds 1769 zo’n Venus-overgang plaats. Een Nederlandse expeditie trok naar het Franse eiland Reunion om het verschijnsel te fotograferen met deze telescoop. Helaas was de hemel op die locatie bewolkt op het cruciale tijdstip… Op andere plaatsen, waar de overgang wel zichtbaar was geweest, bleek de fotografische vastlegging nog in de kinderschoenen te staan: voor echte precisiebepalingen waren ze nog niet nauwkeurig genoeg. Dat lukte pas bij de daaropvolgende venus-overgang, die in 1882 plaatsvond.

Archieffoto Ovale Zaal, omstreeks 1890.
Waarom Teylers?
Initiatiefnemer en coördinator van de Nederlandse expeditie van 1874 was Volkert van der Willigen (1822-1878), de directeur van Teylers’ ‘Fysisch Kabinet’ – waar het natuurkundig laboratorium van Teylers Stichting en de instrumentencollectie en – zalen in Teylers Museum onder vielen. Zelf ging hij overigens niet mee tijdens de
expeditie.
Naast de Nederlandse overheid en Teylers Stichting waren diverse andere instituten betrokken om de expeditie te financieren en uit te voeren, waaronder de Universiteit van Leiden. Teylers Stichting betaalde onder andere deze kijker, maar ook vergelijkbare instituten zoals de Hollandse Maatschappij der Wetenschappen uit Haarlem en het Bataafsch Genootschap uit Rotterdam droegen bij.
Deze Nederlandse expeditie was een van de velen: onder andere Groot Brittannië, Duitsland, Frankrijk zonden ook onderzoeksteams naar verschillende locaties waar het bijzondere astronomische fenomeen waarneembaar was. Voor alle expedities gold dat ze erg duur waren én risicovol: of de investering in tijd en geld de moeite waard was hing letterlijk af van het laatste moment. Bij bewolking ging men met lege handen terug, zoals de Nederlandse groep ondervond. De teams op andere locaties hadden meer geluk.
Na het onderzoek op Réunion werd de fotoheliograaf na een tussenstop in Haarlem opnieuw gebruikt: tussen 1922 en 1932 werd het instrument uitgeleend aan de sterrenwacht in Lembang, op Java (Indonesië).

Archieffoto Ovale Zaal, datering onbekend.
Geschiedenis in de ovale zaal
De heliograaf stond tussen 1885 en 1950 op deze plek in de ovale zaal. Een bijzondere plek: sinds de opening van het museum in 1784 had hier de grote elektriseermachine gestaan, hét instrument waarmee Teylers Stichting eind 18de eeuw internationale faam verwierf als wetenschappelijk instituut. Als historisch icoon had die net een centraal plek op de ‘catwalk’ gekregen in de nieuwbouw uit 1885.
De fotoheliograaf vulde de lege plek op. Niet langer als werkend instrument, maar net als zijn voorganger met een boodschap aan bezoekers van het museum: hier stond imponerend bewijs van de blijvende rol die Teylers Stichting in de (internationale) wetenschap speelde als instituut. In lijn met de huidige museumslogan: het oudste museum, altijd actueel.
Auteur
Trienke van der Spek, hoofdconservator wetenschap.